Het lijden van de Heer

Van dat ogenblik af begon Jezus zijn leerlingen duidelijk te maken dat Hij naar Jeruzalem moest gaan; dat Hij daar veel zou moeten lijden door toedoen van de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden, maar dat Hij na ter dood gebracht te zijn op de derde dag zou verrijzen.

Van dat ogenblik af begon Jezus zijn leerlingen duidelijk te maken dat Hij naar Jeruzalem moest gaan; dat Hij daar veel zou moeten lijden door toedoen van de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden, maar dat Hij na ter dood gebracht te zijn op de derde dag zou verrijzen. (Mt 16,21)

Pilatus spreekt: het is bij u de gewoonte, dat er op het Paasfeest iemand wordt vrijgelaten. Wie zullen we in vrijheid stellen: Barabbas – een dief, die met anderen wegens moord gevangen is genomen – of Jezus? Laat Deze sterven en bevrijd Barabbas, schreeuwt het volk, aangespoord door zijn leiders.

Pilatus spreekt opnieuw: Wat zal ik dan doen met Jezus, die de Christus wordt genoemd? – Crucifige eum! Kruisig Hem!

Pilatus zegt voor de derde maal tegen hen: Wat voor kwaad heeft Hij dan gedaan? Ik vind in Hem niets dat de doodstraf rechtvaardigt.

De menigte schreeuwt nog harder: Kruisig Hem, kruisig Hem!

En Pilatus, die het volk tevreden wil stellen laat Barabbas vrij en geeft bevel om Jezus te geselen. Vastgebonden aan de geselpaal. Overdekt met wonden. Je hoort de zweepslagen zijn vlees openscheuren, zijn vlees zonder smet, dat lijdt voor jouw zondig vlees.

– Meer slagen. Meer haat. Nog meer… Het is het toppunt van menselijke wreedheid. Ten slotte uitgeput, maken ze Jezus los. – En ook het lichaam van Christus bezwijkt onder de pijn en valt, als een worm, gebroken en half dood.

Jij en ik zijn niet in staat om te spreken.

– Woorden zijn niet nodig. – Kijk naar Hem, kijk naar Hem… lang.

Zul jij, na dit alles, ooit nog kunnen opzien tegen boetedoening?”

De heilige Rozenkrans, tweede droevige geheim

“Aan het verlangen van onze Koning om te lijden is voldaan! Ze voeren mijn Heer naar de binnenplaats van het paleis en daar roepen ze de hele afdeling bij elkaar. De brute soldaten hebben zijn allerzuiverst Lichaam ontkleed. Zij doen hem een oude vuile purperen lap om. – Een rietstok als scepter in zijn rechterhand…

De doornenkroon, met hamerslagen op zijn hoofd gedrukt, maakt Hem tot spotkoning… Ave Rex Iudaeorum! – Gegroet, Koning der Joden! En met slagen verwonden zij zijn hoofd. Zij geven Hem klappen in het gezicht… en bespuwen Hem.

Met doornen gekroond en gekleed in een purperen vod wordt Jezus aan het Joodse volk getoond: Ecce homo! Ziehier de mens. En opnieuw beginnen de hogepriesters en hun dienaren te schreeuwen: Kruisig Hem, kruisig Hem!

Jij en ik, hebben wij Hem niet opnieuw met doornen gekroond, geslagen en bespuwd? Nooit meer, Jezus, nooit meer… En een vast en concreet voornemen sluit dit tientje af.”

De heilige Rozenkrans, derde droevige geheim

“Jezus draagt het Kruis voor jou: draag jij het dan voor Jezus. Maar sleep het Kruis niet achter je aan… Neem het vastberaden op je schouders, want als je het zo draagt zal jouw Kruis niet zomaar een Kruis zijn, maar… het Heilig Kruis. Berust niet in het Kruis. Berusting is geen edelmoedig woord. Bemin het Kruis. Als je het werkelijk liefhebt, zal jouw Kruis… een Kruis zonder Kruis zijn.

En jij zult zeker, net zoals Hij, Maria op je weg ontmoeten.”

De heilige Rozenkrans, vierde droevige geheim