Paulus VI - verdediger van het gezin en het leven

Het wonder dat de weg vrijmaakte voor zijn zaligverklaring was de genezing van een ongeboren kind in Florida. De heilige Jozefmaria beschreef hem als een persoon "die zoveel liefheeft en zorg heeft voor de meest nederigen".

Van het Opus Dei
Opus Dei - Paulus VI - verdediger van het gezin en het leven

Op zondag 19 oktober heeft paus Franciscus een van zijn voorgangers tijdens de slotmis van de buitengewone bisschoppensynode over het gezin op het Sint Pietersplein zaligverklaard.

Het proces van zaligverklaring voor Giovanni Montini begon op 11 mei 1993. Op 7 mei 2014 werd een wonder op zijn voorspraak door de Congregatie voor Heiligverklaringen erkend. Het wonder vond plaats in 2001. Artsen vertelden een moeder die vijf maanden zwanger was, dat haar kind symptomen vertoonde van een ernstige ziekte en dat het tijdens de zwangerschap zou sterven. Een arts adviseerde een abortus, maar de moeder weigerde. De grootmoeder van het kind plaatste een bidprentje met een reliek van Paulus VI op de buik van de moeder en bad gedurende enkele dagen tezamen met ander parochianen. Vijftien weken later werd een gezond kind geboren.

Zo liet deze grote vriend van het gezin en het menselijk leven zien dat hij blijft optreden. "Het was een wonder conform de leer van paus Paulus VI," zegt Antonio Marrazzo, postulator van het heiligverklaringsproces. "Hij vertelt ons dat God ons al beschermt in de moederschoot, vanaf de conceptie. Voor God heeft het menselijk leven een niet te manipuleren waardigheid, een waardigheid die God zelf eraan toekent."

Toen hij op 21 juni 1963 tot paus gekozen werd, koos hij de naam Paulus om daarmee zijn verlangen te tonen om Christus' boodschap wereldwijd te verspreiden. Als eerste paus bezocht hij elk continent en werd zo bekend als de 'reizende paus'. Zijn opvolgers bleven deze internationale reizen voortzetten.

Hij zette het door Johannes XXIII, gestarte Tweede Vaticaanse Concilie voort, om daarna het gedachtengoed van het concilie in praktijk te brengen.

Paulus VI en de heilige Jozefmaria

De heilige Jozefmaria zei dat Mgr. Giovanni Montini, toen ondersecretaris van het staatssecretariaat, de "eerste vriendelijke hand was" die hij in 1946 bij zijn aankomst in Rome vond.

Andres Vazquez de Prada schreef in 'The Founder of Opus Dei': "Op 1 juli [1946] ontmoette hij Mgr. Montini, de ondersecretaris van het staatssecretariaat. Op 15 mei had deze hem geschreven om hem te danken voor de publicaties die Don Álvaro hem had gegeven en om zijn gevoelens over het Werk uit te drukken: Ik heb met veel genoegen kennisgenomen van het Priestergenootschap van het Heilig Kruis en het Opus Dei en heb, met bewondering voor het doel dat zij met hun inspanningen voor ogen hebben en de geest waarmee zij deze uitvoeren, de Heer dank gezegd voor de genade die hij de Kerk heeft verleend om zielen te begeleiden die zich bezighouden met dit moeilijke en belangrijke werk. Ik kan slechts weinig doen, maar weet dat ik altijd bereid ben om u op welke wijze dan ook te helpen."

"Na deze hartelijke ontmoeting, nodigde Mgr. Montini vele andere functionarissen van de Romeinse Curie uit om Jozefmaria te leren kennen. Toen had Don Álvaro al een foto van de paus gekregen, door hem getekend en voorzien van de boodschap: ´Aan mijn geliefde zoon Jose Maria Escriva de Balaguer, Stichter van het Priestergenootschap van het Heilig Kruis en het Opus Dei, met speciale zegen, 28 juni 1946. Pius P.P. XII.´"

Op 21 november 1965 bezocht paus Paulus VI Centro ELIS, een sociaal initiatief van het Opus Dei in Tiburtino, een van Romes armste wijken. De paus bleef veel langer dan was gepland. Hij vierde er de Mis, zegende een beeld van Onze Lieve Vrouw voor de Universiteit van Navarra en bezocht met belangstelling de verschillende afdelingen van Centro ELIS.

"De paus genoot van het bezoek en vertelde hoe hij jaren geleden, net na het einde van de Tweede Wereldoorlog, Tiburtino bezocht en enkele jongeren hem op straat smeekten, 'Geef ons werk!'. 'Welk werk kun je doen?', vroeg hij hen. 'Alles … maar, eigenlijk niets,' luidde het pijnlijke antwoord.

"Nu zag hij dat verlangen vervuld. Toen Mgr. Escriva hem vroeg om iedereen in de nieuwe gebouwen te zegenen, stelde de paus voor, 'Laten we gezamenlijk de zegen geven.' Mgr. Escriva was zo bewogen door de eerbied van de paus, dat hij op zijn knieën viel en zijn hoofd boog. Vlak daarna, toen Paulus VI vertrok, knielde Mgr. Escriva nog eens buiten op de natte grond – het had geregend – om zijn ring te kussen. Maar de paus pakte hem bij zijn ellebogen, tilde hem krachtig op en omhelsde hem en zei, Tutto, tutto qui è Opus Dei! 'Alles hier is Opus Dei'" (Pilar Urbano, The Man of Villa Tevere).

"Paulus VI, die zo naar vrede verlangt, die zoveel liefheeft, zoveel meeleeft met de meest nederigen, en zo sterk verlangt naar gelijkheid in de wereld, en voor een einde aan armoede, vertelde mij via kardinaal Del'Acqua dat hij Centro ELIS wilde openen voordat het Tweede Vaticaanse Concilie eindigde, zodat bisschoppen uit alle werelddelen konden zien hoeveel hij van het Opus Dei hield en dat mensen een betere levensstandaard nodig hebben, mensen die rechten hebben maar geen mogelijkheid om die uit te oefenen." (de heilige Jozefmaria tijdens een toespraak in Tajamar op 1 oktober 1967. In: Antes, mas y major, Lazaro Lineares, p. 163).

Paulus VI en de zalige Álvaro del Portillo

"Op 24 januari 1964 ontving de Heilige Vader Paulus VI de stichter van het Opus Dei in een privé-audiëntie. Toen Mgr. Escriva de kamer binnenkwam, wilde hij – zoals het protocol voorschreef – knielen om de paus te groeten. Maar paus Paulus gaf hem geen gelegenheid daartoe: hij kwam hem tegemoet, opende zijn armen wijd en omhelsde hem met genegenheid."

"Tegen het einde van de audiëntie vertelde Mgr. Escriva de paus dat Don Álvaro del Portillo buiten op hem stond te wachten. Paus Paulus vroeg prompt om hem binnen te laten en toen hij de kamer binnen kwam, zei hij tot hem: 'Don Álvaro, we kennen elkaar al bijna twintig jaar!

'Slechts achttien, Uwe Heiligheid,' antwoordde Don Álvaro.

'In die tijd ben ik oud geworden,' zei de paus.

'Oh nee, Uwe Heiligheid. U bent Petrus geworden!'

(Ana Sastre, Tiempo de Caminar, p. 483)

De zalige Álvaro herinnerde, vlak nadat hij de heilige Jozefmaria was opgevolgd in de leiding van het Opus Dei, aan een bezoek aan Paulus VI. Deze ontving hem staande, leunend op zijn bureau. Hij hief de armen en groette hem hartelijk. "Heiligheid," zei Don Álvaro, "Ik ben dankbaar voor uw begroeting, maar ik zou de Heilige Vader willen vragen om zijn apostolische zegen en gebed. Want ik ben de opvolger van een heilige en dat is helemaal niet eenvoudig." Paulus VI antwoordde: "De heilige is nu in de hemel en vanaf daar zal hij helpen met de voortgang van het Werk."